Net mijn resultaten doorgegeven aan de site van de nationale tuinvogeltelling. Viel tegen. Meestal veel meer huismussen en kauwtjes in de tuin. Nu bleef het bij vijf soorten waaronder twee zwartkoppen. Tellen, cijfers, resultaten, we zijn er allemaal afhankelijk van op dit moment. We moeten scoren, anders lig je eruit.
Bij elke uitvoering word ik ermee geconfronteerd. Hoeveel zitten er vanavond? Een toneelspeler vraagt aan een medewerker van een kleine schouwburg: ”Hoeveel zitten er vanavond?” De medewerker antwoordt wat mompelend: “Onder de tien”. “Nou, mooi”, zegt de toneelspeler want hij verstaat ‘honderdentien’.
Er zouden zo rond de 260 mensen in de zaal moeten zitten, maar het blijken er toch flink wat meer te zijn. Afgelopen vrijdag zijn we vertrokken met de reprise van De Geit, zoals wij de titel van onze voorstelling inkorten. We zijn gestart in de Philipszaal in Eindhoven. Eindhoven blijft toch altijd een beetje thuiskomen voor mij. Foto`s aan de muur uit de tijd dat ik nog bij HZTHollandia werkte.
De grote zaal is uitverkocht: André van Duin. Ik loop hem tegen het lijf als ik Ria de weg wijs achter het toneel zodat ze straks niet verdwaalt tijdens de voorstelling, als ze om moet lopen om aan de andere kant van het decor weer te kunnen opkomen. Een vriendelijk
‘Goedenavond’ en met sportieve jonge tred snelt hij naar het podium van de grote zaal.
Wij eten in het theaterrestaurant, op het menu staat de favoriete dis van Van Duin: puree met sukadevlees en spruitjes, aanbevolen. Iedereen om mij heen bestelt sukadevlees. Alleen Willem en ik nemen de vegetarische schotel. Na het eten, beneden in de catacomben van de schouwburg klinken de lachsalvo`s uit de grote zaal over de intercom. En in de foyer hoor ik de eerste carnavalsschlager.
In de kleedkamer maakt Willem een foto van het koffertje, een soort flightcase, met allerlei gadgets. Een origineel welkomstgeschenk van het Parktheater. Ik durf er niks uit te nemen. Jacqueline, die verantwoordelijk is voor onze kostuums, vist er een naai-etuitje uit met daarin het door mij allang gewenste draad-door-de-naald apparaat. Elke voorstelling trek ik in een scene de knoopjes van mijn overhemd eraf en met mijn HEMA leesbrilletje op lukt het maar niet om de draad door het oog van de naald te steken. Dit zal helpen. Willem neemt een halve Twix: “Wil iemand de andere helft?” Als ik wat later in het koffertje kijk, is de Twix weg. Het doet mij denken aan een moderne versie van het koffertje van Okkie Trooy.
Fijne reacties na de voorstelling. Duimen die omhoog gaan. Publiek dat ik nog ken uit mijn tijd van HZTHollandia. Een vriendin van Ria van vroeger wacht tevergeefs op Ria en geeft mij haar kaartje. Iemand spreekt mij aan:”Ik kom uit Weert. Ik volg u al vanaf het moment dat u bij Het Vervolg speelde (`80-er jaren)”. Mons de Goede (programmeur) komt nog even gedag zeggen en vertelt dat de reacties unaniem lovend zijn. Ik bedank hem en geef hem een compliment over het aantal bezoekers. Hij is zelf wat teleurgesteld: “Met zo`n cast, met zo`n toneelstuk had het uitverkocht moeten zijn.”
Ik loop de parkeerplaats op, regen, doe mijn bosje bloemen voorzichtig in de koffer van mijn motor en trek mijn fluoriserend vestje aan. Ron Brandsteder, ook met bosje, staat achter zijn bolide en wenst mij een veilige rit toe. We zijn vertrokken.
Bert Luppes speelt Martin in De Geit of, Wie is Sylvia?. Hij ontving voor zijn rol in 2009 de Louis d'Or.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten